Ondernemer ontvangt wederom compensatie in rentederivatenkwestie

22 Feb 2017

Op 14 februari 2017 deed het Gerechtshof Den Haag uitspraak inzake de rentederivatenkwestie van Kontinex en Rabobank.[1] In diverse media wordt voorgespiegeld dat het om een baanbrekende uitspraak zou gaan omdat eerder geen zorgplichtschending jegens een ondernemer zou zijn aangenomen. Dit is onjuist. De uitspraak betreft niets meer dan een bevestiging van de reeds ingezette lijn in de rechtspraak van medio 2014.[2] In die uitspraken nam de civiele rechter eerder al een civielrechtelijke zorgplichtschending jegens een ondernemer aan. Dat Kontinex qua omvang groter is dan voornoemde ondernemers maakt voormelde uitspraak niet meteen baanbrekend.

In onderhavige kwestie heeft staalproducent Kontinex in de periode 2006-2009, op advies van de Rabobank, diverse rentederivaten bij de bank afgenomen. In 2010 verslechtert de financiële positie van Kontinex dusdanig, waardoor de financieringsrelatie met de bank onder druk komt te staan. Om de financieringsrelatie in stand te houden, heeft Kontinex op verzoek van de Rabobank, onder andere een deel van diens activa verkocht. Hierdoor ontstond een mismatch (overhedge), waar Kontinex nadeel van heeft ondervonden.[3] Kontinex heeft voor dit ondervonden nadeel de Rabobank in rechte aangesproken.

Kontinex stelt zich op het standpunt dat de Rabobank haar civielrechtelijke zorgplicht heeft geschonden doordat de Rabobank Kontinex bij aankoop van de rentederivaten ondeugdelijk heeft geadviseerd en/of doordat de Rabobank Kontinex niet van te voren heeft gewaarschuwd voor de mismatch (overhedge) die zou kunnen ontstaan na verkoop van de activa. In eerste aanleg heeft de rechtbank een beroep op zorgplichtschending afgewezen. De rechtbank is onder andere van mening dat de Rabobank Kontinex voldoende heeft geïnformeerd omtrent de kenmerken en de werking van de rentederivaten.[4]

In hoger beroep komt het hof terug op de uitspraak van de rechtbank. Het eerste dat opvalt is dat het hof – net als de rechter in eerste aanleg – de mening is toegedaan dat Kontinex naar maatstaven van civiel recht weliswaar te gelden heeft als een professionele partij, maar conform het financieel toezichtrecht impliciet geclassificeerd wordt als een niet-professionele belegger.[5] Dit met name vanwege het feit dat Kontinex geen kennis en/of ervaring omtrent rentederivaten had en/of geen eigen treasurybeleid had. Voormelde gedachtegang is in overeenstemming met het financieel toezichtrecht. Dat Kontinex een financieel manager in huis had en/of bijgestaan werd door een accountant, doet aan voorgaande niet af, aldus het hof.[6]

Aan het bovenstaande verbindt het hof in onze optiek terecht het gevolg dat Kontinex als niet-professionele belegger geïnformeerd en/of gewaarschuwd had dienen te worden omtrent de (bijzondere) financiële risico’s. Het gaat in onderhavige kwestie om de risico’s van mismatch, debiteuren opslag, bankmarges en de negatieve marktwaarde.[7]

Een beroep op de civielrechtelijke zorgplicht lijkt in onze optiek echter overbodig. Dat (bank)beleggingsondernemingen, waaronder de Rabobank, niet-professionele beleggers dienen te informeren over de (bijzondere) financiële risico’s, volgt immers rechtstreeks uit het financieel toezichtrecht.

Voor nadere informatie omtrent dit onderwerp, problemen met uw hypotheek of andere aspecten van financieel recht kunt u voor meer informatie  altijd vrijblijvend contact opnemen met een adviseur van Hypotheektoets.com, zodat u weet waar u aan toe bent. E-mail hiervoor naar info@hypotheektoets.com of bel met 0499 – 748 007.

[1] Rb. Rotterdam 15 juli 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:5194 (Kontinex/Rabobank) en Hof Den Haag 14 februari 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:255 (Kontinex/Rabobank).

[2] In de volgende rechtspraak, wordt behalve een schending van de civielrechtelijke zorgplicht, ook een schending van het financieel toezichtrecht tegenover ondernemers aangenomen: Rb. Oost-Brabant 26 maart 2014, ECLI:NL:RBOBR:2014:1415 (X/Rabobank) en Hof ‘s-Hertogenbosch 15 april 2014, ECLI:NL:GHSHE:2014:1052 (Westkant/ABN Amro).

[3] Mismatch ontstaat doordat de looptijd en/of de omvang van het rentederivatencontract niet overeenstemt met de looptijd en/of de omvang van de onderliggende kredietovereenkomst.

[4] Rb. Rotterdam 15 juli 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:5194 (Kontinex/Rabobank), r.o. 4.9 en 4.15.

[5] Rb. Rotterdam 15 juli 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:5194 (Kontinex/Rabobank), r.o. 4.4 en Hof Den Haag 14 februari 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:255 (Kontinex/Rabobank), r.o. 9.2 en 9.3.

[6] Hof Den Haag 14 februari 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:255 (Kontinex/Rabobank), r.o. 9.4.

[7] Hof Den Haag 14 februari 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:255 (Kontinex/Rabobank), r.o. 9.5.

 

Contact

0499-748007

0499-748009

Info@hypotheektoets.com

Heistraat 6a

5691 CA Son en Breugel

Postbus 16

5690 AA Son en Breugel

Start de toets!